Oefentoets hoofdstuk 2

U krijgt nu als oefentoets vijf random vragen. Als u uw email adres invult, ontvangt u de vragen, uw eigen antwoorden en de juiste antwoorden per email. Veel succes!

Welkom bij de oefentoets van Hoofdstuk 2

Liever deelnemen aan een klassikale examentraining? Klik hier voor de mogelijkheden!

Door uw e-mail adres in te vullen, ontvangt u de antwoorden automatisch in uw mailbox. Hiermee abonneert u zich ook meteen op relevante nieuwsberichten, gerelateerd aan Procesmanagement in de praktijk. U kunt zich op elk moment hiervoor afmelden!

Nu ook beschikbaar: Werkboek deel I

1. 

Een organisatie heeft een RASCI-schema opgezet voor het proces “offerte uitbrengen” (zie tabel hierna).

 

Rasci-schema

Wie is de eindverantwoordelijk voor de stap: “toetsen kwaliteit”?

2. 

Een van de processen bij een adviesbureau is het uitbrengen van een advies. Om helder te maken welke personen zijn betrokken bij de verschillende activiteiten in dat een proces, wordt een RASCI-schema opgesteld. De businessunitmanager is eindverantwoordelijk voor het gehele adviestraject. De adviseur stelt het concept rapport op, waarbij hij ondersteuning kan vragen van een senior-adviseur. De businessunitmanager keurt het rapport goed en informeert het secretariaat daarover, zodat het rapport naar de klant wordt gestuurd. Het secretariaat verstuurt het rapport en informeert de adviseur en de businessunitmanager als het rapport is verzonden.
Stel een zo volledig mogelijk RASCI-schema op voor dit proces, waarbij u in het schema per stap weergeeft welke rollen de verschillende medewerkers hebben. Laat de rollen open als u hier geen informatie over heeft.

3. 

Een bakkerij heeft als hoofdproces het bakken en verkopen van brood. Dit hoofdproces bestaat uit de werkprocessen: grondstoffen inkopen, goederen ontvangen, voorraad beheren, brood bereiden, brood verpakken, brood distribueren. Maak met behulp van een schematische weergave een decompositie van dit hoofdproces, waarbij u minimaal vijf nieuwe (niet genoemde) werkprocessen identificeert.

4. 

Een pompenfabriek vraagt zich af welke processen zij moet beschrijven met het ook oog veilig werken. Zij wil dat vaststellen door een team van betrokkenen een risico-analyse uit te laten voeren. Eén van de processen is het gieten van het pomphuis. Het team komt tot de conclusie dat het zeer onwaarschijnlijk is dat iemand bij dit proces blootgesteld wordt aan een gevaarlijke situatie. Ondanks dat het een continu proces is, is er eigenlijk nooit sprake van letsel met verzuim. Is het vanuit veiligheidsrisico-oogpunt toch belangrijk dat de organisatie dit proces beschrijft? Licht uw antwoord toe met een berekening en laat in uw uitwerking duidelijk zien hoe u de berekening heeft uitgevoerd.

FMEA

5. 

Hoe kan een workflowmanagementsysteem gebruikt worden om de procesbeschrijvingen geautomatiseerd te borgen? Motiveer uw antwoord door duidelijk aan te geven hoe dit in zijn werk gaat.


Klik op "Inleveren" om uw resultaten te zien!